Licht in het land van weten en vergeten (vervolgblog)

Een paar weken later.

Donderdagochtend. Je ligt in bed, te moe om de krant te lezen, te moe om koffie te drinken, te moe om te praten. Ik vraag of je het fijn vindt als ik een verhaal vertel. Je knikt.

Ik vertel een van de voorouderverhalen uit mijn roman.

Een fragment over de Indianenvrouw die op wacht staat om haar dorp te beschermen voor indringers. De vrouw luistert met haar hand achter haar oor en hoort plots geritsel. Als ze zich omdraait staat ze oog in oog met een beer. Hij valt haar aan, ze raakt bewusteloos en maakt een reis naar het licht. Daar ziet ze haar overleden oma, opa, vader en andere familieleden. Warme omhelzingen en zoenen. Het is er zo mooi en vol van liefde dat ze wil blijven. Haar oma schudt haar hoofd, vertelt dat dit echt niet kan, het is haar tijd niet. Ze heeft als dorpsoudste en moeder nog een taak te volbrengen.

Je kijkt mij verbaasd aan en zegt: ‘ik heb vandaag ook een opdracht gekregen.
En als je een opdracht krijgt moet je daar gehoor aan geven.
Mijn tijd is gekomen. Maar wie zorgt er voor jullie vader als ik er niet meer ben?’
Ik vertel dat hij al in het licht is en daar met open armen op je wacht.
‘Dan kan ik gaan, ‘ zeg je.
‘Ik vraag of je nog een laatste wens hebt. Je zegt dat je afscheid wil nemen van je kinderen en ik beloof je dat iedereen zo snel als mogelijk is, bij je zal zijn. Je geeft aan slaapmedicatie te willen om de reis wat lichter te maken. Dat wordt geregeld.

 “Wat doen we met de geplande expositie van onze schilderijen 25 augustus?’
Je lacht en zegt: ‘die kan doorgaan. Ik zal erbij zijn. En met jullie proosten. ‘

‘Weet
dat ik er altijd zal zijn.
Op ieder moment.
In de vorm van een vlinder,
een witte vogelveer,
In een gedachte, een herinnering,
In de wind die je wangen streelt.
Weet dat ik er altijd zal zijn.’

We waken, vijf dagen en vijf nachten en dan ga je, op maandagavond, stil naar het licht, naar je lief en je familie.

Dag lieve lieve mamita

schrijf een reactie